October 4, 2003

Museumstof 43: Brandmerken

Brandmerken is een verschijnsel uit de slaventijd waar wij nog steeds van gruwen. In Fort Zeelandia zijn enkele brandmerken te zien. Een daarvan is in bruikleen afgestaan door de heer Hagemeyer van plantage Frederiksdorp. Dit ijzer komt uit Guyana. Deze brandijzers waren echter bestemd om vee mee te brandmerken, en niet voor de slaven. Dit weten we omdat de voor mensen bestemde merken gemaakt waren van zilver en van een kleiner formaat waren, ter grootte van een vierduitsstuk.
October 3, 2003

Museumstof 42: Ef yu naki kapa lasi, yu sa yere boriman tongo

Op vele plaatsen in de Surinaamse kustvlakte vinden we nog grote pannen, die erg tot de verbeelding spreken. Ook in Fort Zeelandia staan twee van deze kapa, zoals de open ketels heten. Nee, ze werden niet gebruikt om het slaveneten in klaar te maken. De kapa werden gebruikt om het suikerrietsap in te koken. Op de suikerrietplantages werd twee maal per jaar het suikerriet gekapt. Dit was een heel zware tijd voor de werkers. Alle suikerriet diende binnen enkele dagen verwerkt te  worden, anders zou het sap bederven. Na de rietkap werden de stengels door een pers gehaald. Het riet […]
October 2, 2003

Museumstof 41: Tranga yesi na koni fu dumakuku

De Stichting Surinaams Museum heeft een aantal slavenboeien in haar collectie. Hand- en voetboeien, al dan niet met een zware bal en boeien die om je middel of je enkels gingen met een staaf eraan die in de muur zat vastgemetseld. Bovendien is er een halsboei met haken. Op de afbeelding zien we zo een halsboei waarvan het doel was een wegloper te beletten een hernieuwde vluchtpoging te ondernemen. De haken aan de uiteinden van de aan de boei vastgemaakte staven, bleven steken achter de takken in het bos. Deze boei was dus niet functioneel in open terrein. De halsboei […]
February 13, 2003

Museumstof 40: je straf uitzitten

Al vrij snel na de bouw van Fort Zeelandia werd dit gebouw als gevangenis gebruikt. Reeds in 1669 werd per plakaat bepaald om mensen als gevolg van drankmisbruik ‘vechtende ende smijtende, sonder eenigh uytstel, sonder onderscheit van personen, te brengen in de gevanckenisse’. Bij elk vergrijp werd de boosdoener naar het fort geleid. Dat ook vrijgemaakte slaven zich streng aan de regels moesten houden en zeker niet zo vrij waren als het Europese deel van de bevolking, blijkt wel uit het volgende plakaat van 17 mei 1769. “Er word weyders de gemannumiteerdens off vrijgemaakte serieuselijk gewaarschouwt en gelast na 9 […]