Museumstof 81: Wie wat bewaart, heeft wat – 4

Museumstof 80: Zusters uit Suriname – 2
April 3, 2006
Museumstof 82: Een gevoelige snaar raken
June 5, 2006
Show all

Museumstof 81: Wie wat bewaart, heeft wat – 4

Regelmatig maken we in Museumstof gewag van nieuwe aanwinsten en houden we U op de hoogte van de ontwikkelingen met betrekking tot de verbouwing en inrichting van ons vernieuwde museumdepot. Bouwkundig is dat depot af, inhoudelijk wordt er nog hard aan gewerkt. Momenteel wordt de gehele collectie beeldende kunst door drie stagiairs van de Reinwardt Academie (museumopleiding) uit Nederland, onder handen genomen. Er wordt verantwoord schoongemaakt (onder andere met een speciale ‘museumstofzuiger’), gecheckt op mankementen, geïnventariseerd e.d.

Ten behoeve van de schilderijenopslag wordt momenteel een grote metalen kooi geconstrueerd, waarin 24 schuifrekken komen te hangen waarop de collectie kan worden aangebracht. In totaal komt er 192 m2 hangoppervlak beschikbaar. Alle schilderijen krijgen een vaste plek. Die plek wordt genummerd en dat noemen we ‘standplaatsregistratie’.

Met het realiseren van deze oplossing voor het praktische beheer van de schilderijen zijn we weer een stap verder op weg naar een duurzame en verantwoorde collectie-opslag en daarmee het behoud van een belangrijk stuk cultureel erfgoed. Er moet uiteraard nog veel gebeuren, de collecties zijn uiterst gevarieerd en elke deelcollectie en soms zelfs elk object, eist zijn eigen manier van conserveren.

De (ver-)bouw van het depot werd gefinancierd door Nederland. Voorwaarde daarbij was dat het Surinaams Museum in zee zou gaan met een Nederlandse counterpart, zodanig dat ook aan kennisoverdracht gedaan kon worden. Die counterpart hebben we gevonden in het Koninklijk Instituut voor de Tropen, i.c. het Tropenmuseum.

Nic. Loning was vanaf 1951 door Sticusa als tekenleraar aangetrokken voor het CCS. Van zijn hand is het portret van Maxi Linder, dat deel uitmaakt van de ‘Sticusa-collectie’.

In 1948 werd in Nederland de Stichting voor Culturele Samenwerking Sticusa opgericht. Doel was onder meer om “de kennis van en het contact met de Westerse cultuur speciaal in haar Nederlandse uitingen in Indonesië, Suriname en de Nederlandse Antillen te stimuleren”. Uit dit initiatief is het Cultureel Centrum Suriname (CCS) voortgekomen. Met de staatkundige onafhankelijkheid van Suriname kwam de Sticusa weg te vallen. In Indonesië was dat al veel eerder het geval. De Sticusa wordt uiteindelijk opgeheven.

De collectie beeldende kunst die door de Sticusa werd aangelegd, werd na haar opheffing verkocht. In 1990 kocht het Tropenmuseum een groot deel van de collectie die betrekking had op Suriname. Kort daarna werd in een intentieverklaring tussen Tropenmuseum en Surinaams Museum vastgelegd dat deze collectie aan het Surinaams Museum zou worden overgedragen zodra het museum over een goed schilderijendepot en duurzame verantwoorde opslag zou beschikken. Dat moment is nu aangebroken. De Sticusacollectie is twee weken geleden ingevlogen en over enige tijd zal ze in de grote zaal van het depot te Zorg en Hoop worden tentoongesteld en officieel overgedragen. U hebt iets om naar uit te kijken!